(Van onze correspondent Hanneke Keultjes)
NEW YORK (GPD) – Iedere dag loopt er minstens eentje mijn mailbox in. Soms wel vier. En het onderwerp is altijd hetzelfde: ‘DOD Identifies Army Casualty’. DOD staat voor Departement of Defense die met de mails de pers op de hoogte stelt van weer een gesneuvelde militair in Afghanistan.
Zondag kondigde de mail bijvoorbeeld de dood aan van Christopher Scott. Hij was pas 21. De tot nu toe 1756 gesneuvelden – al meer dan de helft van de doden die op 9/11 vielen – zijn vaak piepjong en komen uit anonieme plaatsen als Watauga, Deltona of Kuna. Niet zelden namen ze het op tegen een geïmproviseerd explosief en verloren. Tegen zo’n laffe tegenstander, verstopt in het babypoederzand van Kandahar of Helmand, is het moeilijk vechten.
Wat dit met de herdenking te maken heeft? Heel veel. Operatie Enduring Freedom was een direct gevolg van de aanslagen. Tien jaar later vecht Amerika er nog altijd tegen een vijand die zich op het ene moment voordoet als een goeiig boertje en op het andere moment een kalasjnikov uit zijn gewaden tovert.
Toen ik nog als defensieverslaggever werkte, waren de aankondigingen van een persconferentie door de Commandant der Strijdkrachten zeldzaam. En iedereen wist dan hoe laat het was. In de Verenigde Staten houden ze niet eens persconferenties. Dat zou lopende bandwerk zijn.
Daarmee is niet gezegd dat de ‘troops’ onbelangrijk zijn voor de Amerikanen. Nadat in mei het brein achter de aanslagen was gedood, trof ik op Ground Zero een paar rekruten. De feestende menigte schudde hen de hand. Ze kregen schouderklopjes. Dat hun uniform gezien wordt als symbool, begrepen ze niet.
Ook bij de herdenking worden de soldaten niet vergeten: daags voor 11 september worden ze geëerd met de Patriot Classic, een Footballwedstrijd. Het is de Amerikaanse manier om te laten zien dat men doordrongen is van het al dan niet terechte besef dat militairen vechten om het Amerikaanse vrijheidsgevoel in stand te houden. En dat de prijs die ze daarvoor betalen soms onevenredig hoog is.
Toen ik in de zomer van 2009 in Afghanistan was, ging ik mee met de Amerikaanse medevac, de helikopters die gewonden uit het veld halen. Er was net een Nederlander omgekomen door zo’n vermaledijde bermbom. Een Nederlandse verpleegkundige die meevloog met de Amerikanen vertelde me dat ze niet eens verdrietig durfde te zijn. Bij de Amerikanen hing de vlag immers iedere dag halfstok.
9/11 COLUMN – ANIMAL PLANET HERDENKT OOK
NEW YORK (GPD) – Of het nou één, twee, vijf of tien jaar geleden is, herdenken gaat gepaard met terugkijken. Dus zien Amerikaanse tv-kijkers dezer dagen veel beelden van 11 september. De Boeing die als een warm mes door boter de zuidtoren van het World Trade Center invliegt, beduusd omhoog kijkende zakenmensen – sommige stilletjes huilend, anderen getroost door wildvreemden – en brandweermannen wier ooit zwarte hittebestendige pakken grijs gekleurd zijn door het stof.
Iedereen die ook maar iets met 9/11 te maken had, wordt tien jaar later weer voor de camera getrokken. Het was ook de eerste grote ‘televisieramp’. En het maakt niet uit hoe vaak je de beelden ziet, ze blijven emoties oproepen. Zelf vraag ik me altijd af hoe iemand in staat is om als piloot doelbewust op een gebouw af te vliegen, wetende dat je het zelf niet overleeft. Of hoe iemand aan een bureau op de 97ste verdieping nietsvermoedend opkijkt van zijn computerscherm en de neus van een vliegtuig op zich af ziet komen. Brrr.
Voor National Geographic Channel, de zender die sinds eind augustus al in het teken staat van 9/11, heeft dat ook een persoonlijke reden: twee medewerkers zaten in het vliegtuig dat op 11 september crashte in het Pentagon. In iedere commercial break worden zij met gevoel voor dramatiek herdacht.
Afgelopen weekend keek ik tussen deze reclameblokken door naar de herhalingen van de interviews met voormalig president George W. Bush en oud-burgemeester Rudy Giuliani. Uiteraard kwistig gelardeerd met de even bekende als dramatische beelden van die dag. Ik zag Bush – iets grijzer en met vochtige ogen – vertellen dat hij de stewardessen van Air Force One een geruststellende ‘big hug’ had gegeven. En Giuliani hield zijn tranen voor zichzelf. Hij wilde niet dat de wereld hem zag huilen. Dat was maar slecht voor het moraal.
Net als zoveel dingen in de VS is het niet goed of het deugt niet. Mensen klagen dat er te veel aandacht is voor de tienjarige herdenking. Zelfs Animal Planet en kinderzender Nickelodeon besteden er aandacht aan. Volgens sommigen wordt de dag door de overdaad gedevalueerd. Anderen vinden de aandacht juist belangrijk. In Middletown, waar 37 forenzen die dag niet meer terugkwamen, zei de burgemeester tegen mij dat het lastig balanceren is op de grens tussen herdenken en doorgaan met het leven. En dan kun je het eigenlijk ook nooit goed doen.
9/11-COLUMN – DE AANSLAGEN ALS MELKKOE
(Van onze correspondent Hanneke Keultjes)
NEW YORK (GPD) – ,,Het is verdomme een begraafplaats!” De toch van nature kalme John Devlin schiet uit zijn slof en laat me van mijn notitieblokje opschrikken. Na de 11 september die in ieders geheugen staat gegrift werkte hij negen maanden lang, zeven dagen in de week, twaalf uur per dag op Ground Zero. In zijn ogen is het een begraafplaats. 2753 onfortuinlijke mensen vonden er hun laatste ‘rustplaats’.
Daarom maakt het hem zo intens boos als mensen 9/11 gebruiken om er geld mee te verdienen. Vooral in de aanloop naar de herdenking hebben de merchandise bedenkers van deze wereld zichzelf overtroffen in smakeloosheid. Niet alleen worden de inmiddels standaard Amerikaanse vlaggetjes en T-shirts vrolijk te koop aangeboden, maar wat de denken van herdenkingswijn? Of een Zippo-achtige aansteker met het hoofd van Bin Laden (toen er nog geen gat in zat). Een 9/11-hondenriem. En mijn persoonlijke favoriet: een mes met op het lemmet ‘never forget’.
Voor de duidelijkheid: ik probeer niet een wedstrijdje ‘verzin de raarste 9/11-koopwaar’ te winnen. Het is allemaal heus op de markt. Vaak ook nog voor een toepasselijke prijs (9,11 dollar). Dus voor wie nog in de markt is voor een 9/11-geïnspireerd schaakset waarin vliegtuigen het tegen gebouwen moeten opnemen, spoed u nu naar Amerika!
De opbrengst van sommige producten komt nog ten goede aan het officiële monument, maar het meeste geld vloeit rechtstreeks in de zakken van mensen die dollartekens hebben op de plaats waar normaal de pupil zit. Heiligschennis, oordeelt Devlin.
Al is hij ook niet roomser dan de paus. Devlin heeft uit de puinhopen van Ground Zero een aandenken meegenomen. Gekalmeerd van zijn uitbarsting haalt hij een stalen lager tevoorschijn. Het past in de palm van mijn hand. Het zou niet bij hem opkomen het ooit te gelde te maken.
Brokstukken van de Twin Towers gingen overigens het hele land over, waar ze werden verwerkt in monumenten ter nagedachtenis aan de aanslagen. In Atlantic Highlands, New Jersey bijvoorbeeld, hemelsbreed maar 38 kilometer van Manhattan. De regio verloor die dag 147 inwoners. Het monument op Mount Mitchill, waar vandaan op een heldere dag Manhattan te zien is, bestaat uit een verweesd kijkende betonnen Amerikaanse zeearend die een verwrongen stalen H-balk in de klauwen heeft. Drie keer raden waar die balk vandaan komt. Juist: van een ‘begraafplaats’.
9/11 COLUMN – DE EMOTIE VAN TIEN JAAR OUDE FOTO’S
(Van onze correspondent Hanneke Keultjes)
NEW YORK (GPD) – Het is bijna tien jaar na de aanslagen van 11 september 2001 en daar kan niemand in New York omheen. Zo kan het dus zijn dat nietsvermoedende stadse dames – type mijn-kapsel-zit-perfect-omdat-het-te-bang-is-om-een-slechte-haardag-te-hebben – op zoek naar dat zijden jurkje bij Hugo Boss of die superzachte leren tas in ‘Marokkaans blauw’ van Cole Haan in het luxe winkelcentrumpje van Columbus Circle op de fotoserie Faces of Ground Zero stuiten.
Vanaf gigantische polaroidfoto’s kijken een priester, een agent, een verpleegkundige, twee burgemeesters, een F16-piloot en veel brandweermannen naar de winkelende mensen. Na 11 september 2001 fotografeerde Joe McNally driehonderd mensen die op of rond Ground Zero werkten. Nu worden ze weer tentoongesteld.
Iedereen werd op dezelfde manier gekiekt. Recht de camera in kijkend. Van kruin tot voeten. Levensgroot. ,,Het is net alsof ze ieder moment van het fotopapier af kunnen stappen!”, roept een dame tegen haar vriendin die naast haar staat.
Ze staren naar marinier Peter Regan in zwarte overal, werklaarzen en met een te grote helm op zijn hoofd. Zijn handen heeft hij in zijn zakken gestoken, alsof hij wil zeggen dat hij heus belangrijker zaken aan zijn hoofd heeft dan poseren voor een topfotograaf.
En dat was ook zo. Na 11 september zocht Peter in de puinhopen van het World Trade Center tevergeefs naar zijn vader, brandweerman Donald. Maar dat weten de dames niet, want ze nemen geen tijd om de tekst op het zilverkleurig plaatje naast de foto te lezen.
Als ze dat wel hadden gedaan, dan hadden ze gelezen dat Peter in juni 2002 naar Afghanistan is gegaan om mee te vechten tijdens Operatie Enduring Freedom, de Amerikaanse militaire reactie op de aanslagen. Na afloop van zijn militaire dienst had Peter één droom: hij wilde in de voetsporen van zijn vader treden. Hij heeft zijn doel bereikt. Peter is nu brandweerman bij hetzelfde brandweerkorps als waar zijn vader Donald ooit werkte. Die hoort nog altijd bij de meer dan duizend slachtoffers die officieel ‘vermist’ zijn.
De dames interesseert het niet. In de tijd dat ik het verhaal van vader en zoon Regan heb gelezen, staan zij in een volgende winkel hebberig stofjes te aaien. Jurkjes met een prijskaartje van 550 dollar en tassen van 378 dollar laten zich moeilijk combineren met de emoties die tien jaar oude foto’s oproepen.
9/11 COLUMN – INTRO
Op 9 november 2000 stond ik dankzij een studiereis naar New York bovenop de zuidelijke tweelingtoren van het World Trade Center. Met iedere stap voelde ik het observatiedek lichtjes met de wind mee bewegen. Onder me gleden gele koplampen als een verlichte slang door de straten.
Op 11 september 2001 stond ik na college op Utrecht Centraal te wachten op de trein naar huis toen ik op mijn voicemail de paniekerige stem hoorde van een studiegenoot: Een vliegtuig! En nog een! De torens staan in brand! Voordat ik bij een televisie was, waren de Twin Towers er niet meer. Wat jaren had geduurd om op te bouwen, was binnen twee uur weg. Poef. Alsof ze er nooit hadden gestaan.
Deze week beschrijf ik iedere dag hoe ‘mijn’ stad zich opmaakt voor de tienjarige herdenking van de aanslagen die door de Amerikaanse datumnotatie bekend zijn komen te staan als ‘9/11’. De dag in 2000 dat ik vanaf het hoogste punt in New York de stad onder mij bewonderde was de Nederlandse 9/11. Maar daar kwam ik pas achter toen ik een paar weken na de aanslagen mijn toegangskaartje terugvond.
AFSCHEID PETRAEUS: ÉÉN KAPITEIN TUSSEN DE GENERAALS
(Van onze correspondent Hanneke Keultjes)
WASHINGTON/ARLINGTON (GPD) – Generaal David Petraeus wordt ‘de grootste militair van zijn generatie’ genoemd. Maar op het grote, zonovergoten grasveld van Summerall Field op legerbasis Fort Myers, net over de rivier bij Washington, is hij niet meer dan een stipje. Met groot ceremonieel vertoon nam de Amerikaanse krijgsmacht gisteren afscheid van de militair, zoon van een Friese kapitein, die leiding gaf aan de Amerikaanse strijdkrachten in Irak en Afghanistan. Onder de genodigden, tussen allemaal Amerikaanse generaals, één Nederlandse kapitein: ridder Marco Kroon.
Dinsdagavond vertelde Kroon op een pluche bank in de lobby van het luxueuze Willard InterContinental Hotel hoe het komt dat hij zomaar bij het afscheid van één van Amerika’s meest machtige generaals – en bijna-CIA-baas – mocht zijn.
Petraeus werd tijdens een lezing in Eindhoven aan Kroon voorgesteld. Blijkbaar maakte hij een verpletterende indruk op de Amerikaanse generaal, want viavia wist Petraeus Kroons e-mailadres te achterhalen. Zo hielden ze contact; ook tijdens diens veelbesproken vervolging wegens bezit van cocaïne en een stroomstootwapen. ,,Ik kreeg zo het gevoel dat ik er niet alleen voor stond. Later feliciteerde hij me met mijn vrijspraak.”
Op de vraag waarom Petraeus contact met hem hield, kan Kroon niet echt antwoord geven. ,,De Militaire Willems-Orde staat gelijk aan de Amerikaanse Medal of Honor. Dragers daarvan worden in Amerika als echte helden gezien. En misschien speelt de Nederlandse achtergrond van Petraeus ook nog een kleine rol, want er was wél direct een klik.”
Een paar weken geleden kreeg Kroon ineens een e-mail met de mededeling dat Petraeus wilde dat Kroon bij zijn afscheidsceremonie zou zijn. ,,Ik dacht: ‘Waarom ik?’ Maar ik voelde me ook zeer vereerd.” Het contact tussen hem en Petraeus beschrijft hij als hartelijk, maar de kapitein weet zijn plek. ,,Het is niet je en jij, het is toch een generaal. Ik stel me ondergeschikt op. Het is u, ja en amen.”
Kroon kwam niet met lege handen naar het afscheid. In zijn handen klemt hij een doosje met daarin een bijzonder horloge. Op de wijzerplaat staan de coördinaten van Kandahar Air Field gegraveerd. Kroon heeft hetzelfde stoere klokje, maar dan met de coördinaten van het toenmalige Kamp Holland, zestig kilometer verderop in Afghanistan.
Petraeus is zichtbaar in zijn nopjes met het presentje. Trots stelt hij Kroon voor aan zijn vrouw Holly, alsof er niet nóg tientallen mensen in de rij staan om hem de hand te drukken. ,,Dit is de enige actieve Nederlandse Medal of Honor-drager”, zo introduceert Petraeus hem. Kroon glimt.
De Bosschenaar is in Washington als drager van de Militaire Willems-Orde. Het kost hem geen vakantiedagen en de reiskosten – ook het luxe hotel – komen voor rekening van de Amerikaanse defensie. ,,Alles wordt voor me geregeld.” Zo werd hij getrakteerd op een privérondleiding door het Pentagon en het Witte Huis. ,,Mooi”, glundert Kroon ,,om ineens in de gebouwen te staan die je normaal alleen op tv ziet.” Maar het was ook om een andere reden mooi: Kroon, in zijn uniform, was een bezienswaardigheid; mensen wilden met de hem op de foto. ,,Zoveel respect, wat een verschil met Nederland.”
Kroon heeft dinsdag een kilometer of wat hardgelopen door Washington. Hij is bezig weer in vorm te komen voor zijn nieuwe baan als compagniescommandant. ,,De laatste jaren heb ik veel achter de bar van mijn café gestaan en heb ik zelf ook wat biertjes gedronken. Van de twintig kilo die ik was aangekomen, ben ik er alweer tien kwijt.” Zijn café, vol met slechte herinneringen aan de rechtszaak, verkoopt hij. Financieel is het een fikse aderlating, maar dat neemt Kroon op de koop toe.
,,Voor de buitenwereld is de rechtszaak voorbij, maar voor mij en mijn vriendin begint de verwerking nu pas.” De prestigieuze uitnodiging van de Amerikaanse generaal is een hart onder de riem, maar voor Kroon voelt dat niet als rehabilitatie: ,,Mijn medaille heeft glans verloren – voor altijd.”
ORKAAN IRENE VERLIEST KRACHT EN SPAART NEW YORK
Het voelt bijna als een desillusie: na dagen van voorbereiding op de storm die New York zou geselen, blijkt slechts hier en daar een boom omgewaaid.
(Van onze correspondent Hanneke Keultjes)
NEW YORK (GPD) – Eén voor één gaan de deuren van gebouwen weer open. Na een periode van veilige opsluiting in hun appartementen nemen New Yorkers na het passeren van orkaan Irene voorzichtig een kijkje in hun stad. Een grote tak die in een zijstraat van Central Park op twee auto’s is gevallen, is een dankbaar foto-onderwerp. ,,Voor op Facebook”, jubelt een vrouw in een paarse regenjas, terwijl ze met haar telefoon een foto neemt. Hét bewijs dat Irene in New York geen echte ramp heeft veroorzaakt.
Er staan een paar straten blank in het laagliggende deel van Manhattan en in wijk Battery Park City heeft een enkel appartement op de begane grond lichte waterschade. In het park met uitzicht op het Vrijheidsbeeld lopen zondag tegen het middaguur alweer toeristen. Sommigen in regenjas en dito laarzen, anderen in korte broek, T-shirt en teenslippers.
Luttele minuten voordat de orkaan bij Coney Island in New York aan land zou komen is ze in kracht afgezwakt tot een tropische storm. Op de zuidpunt van Manhattan, pal aan het water, zwiepen verkeersborden vervaarlijk op en neer. In het noorden van Manhattan, elf kilometer verderop, hangen de blaadjes stil aan de bomen, er staat geen zuchtje wind. Dat was bijna een desillusie, na een kleine week van waarschuwingen voor dagen zonder elektriciteit en water.
Uit angst voor een herhaling van de slechte voorbereiding op de enorme sneeuwstorm van kerst vorig jaar en met orkaan Katrina uit 2005 nog in het achterhoofd, drukten autoriteiten en 24-uurs nieuwszenders inwoners van New York op het hart om water, ingeblikt voedsel, zaklampen en extra batterijen in te slaan. Inwoners van de laaggelegen gebieden moesten hun huis verlaten. Het stadsbestuur richtte negentig opvangcentra in met een capaciteit van 70.000 mensen. De meeste evacués vonden onderdak bij familie en vrienden, slechts negenduizend mensen maakten van de centra gebruik.
Op het hek bij de Louis Brandeis-school hangt een wit plastic spandoek waar met blauwe letters ‘shelter’, schuilplaats, op staat. Dertig mensen zijn er zaterdag met gele schoolbussen naar toe gebracht. Het openbaar vervoer lag toen al stil. In de gymzaal van de middelbare school staan 88 veldbedden, zegt vrijwilligster Micky. Haar lippenstift kleurt bij het oranje hesje waaraan de vrijwilligers te herkennen zijn. Micky werkt normaal gesproken bij de afdeling onderwijs van het gemeentebestuur en zet zich nu in voor de slachtoffers van de orkaan.
Voor de ontheemden is er genoeg water en voedsel en voor de kinderen is er speelgoed. Een vrouw komt vragen om een boek, want anders duurt de tijd zo lang, maar daar heeft het stadsbestuur niet aan gedacht. ,,We zijn hier geen bibliotheek”, lacht vrijwilligster Valerie. Haar man vindt het vervelend dat ze niet bij hem is tijdens de orkaan. ,,Maar het is niet anders. We hebben ons erop voorbereid om hier drie dagen te blijven.”
Zo lang hoeven ze niet te blijven. Zondagmiddag (lokale tijd) maken de eerste evacués alweer aanstalten om terug te gaan naar huis. Anderen wachten tot de metro en bussen weer rijden.
Irene bracht niet alleen wind en veel regen. Het dwong de ‘city that never sleeps’ tot algehele stilstand. Musea die dagelijks duizenden mensen trekken, zo als het Guggenheim, Metropolitan Museum en MoMA gingen dicht. Broadwayshows werden geannuleerd. Central Park werd gesloten. Zelfs koffieketen Starbucks – op vrijwel iedere straathoek zit een vestiging – sloot zaterdag en zondag de deuren van alle bijna tweehonderd koffiehuizen in de stad.
Ook veel andere winkels en restaurants gingen dicht, net als de drie luchthavens van de stad. Personeel kon weliswaar wel naar het werk komen, maar omdat het openbaar vervoer voor het eerst in de geschiedenis werd stilgelegd, konden ze niet meer terug naar huis. Op een normale dag vervoert de MTA in bussen en metro’s 8,5 miljoen mensen.
Elders aan de oostkust richtte Irene wel serieuze schade aan, waarschijnlijk voor miljarden euro’s. Miljoenen mensen kwamen zonder stroom te zitten. Er kwamen in ieder geval tien mensen om het leven, voornamelijk door omgevallen bomen. Irene trekt nu verder richting New England en het zuidoosten van Canada.
NEW YORKERS NEMEN DREIGING IRENE SERIEUS DANKZIJ AARDBEVING
DE TEGELTJESWIJSHEDEN VAN PR-KONINGIN KELLY CUTRONE
(Van onze correspondent Hanneke Keultjes)
NEW YORK (GPD) – Ze is helemaal in het zwart gestoken (alleen de teenslippers die ze uit haar tas tovert zijn wit) en haar zwart geverfde haar hangt in slordige slierten rond haar make-uploze gezicht. De nagels van haar vingers zijn blauw gelakt. Er is geen enkel indicatie dat de vrouw die in het Mexicaanse eettentje biefstukreepjes met gesmolten kaas in tortilla’s vouwt haar geld verdient met mode. Toch is dat wat Kelly Cutrone doet – en succesvol ook.
Cutrone is de baas van People’s Revolution, een PR-bureau dat ervoor zorgt dat modelabels als Valentino, Bulgari, Longchamps en Vivienne Westwood miljoenen binnenharken met de verkoop van hun kleding. Haar bedrijf – en met name haar intimiderende persoonlijkheid -staat centraal in de realityserie Kell of Earth die nu ook in Nederland te zien is. Met tegeltjeswijsheden als ‘if you have to cry, go outside’ (als je moet huilen, ga naar buiten) en ‘normal gets you nowhere’ (als je normaal bent, bereik je niks) heeft Cutrone in de Verenigde Staten een enorme schare vooral jonge fans voor zich weten te winnen. Trouwe kijkers van MTV kennen Cutrone al van haar optredens bij realityshows The Hills en The City.
Ze snapt dat haar verschijning vragen oproept. ,,Ik heb vroeger alle ontwerpers ter wereld gedragen. Ik heb mijn haar rood, blond, blauw en in dreadlocks gehad. Ik heb mijn best gedaan sieraden te dragen – ik heb een grote verzameling – en geprobeerd meer kleding met kleur aan te trekken. Maar dan heb ik een turkooizen shirt aan en zeggen mijn vrienden ‘Kell, dit bén jij niet’. Ik blijf voorlopig dus in mijn zwarte fase.”
Het interview zou plaatsvinden in het pand van People’s Revolution in de hippe New Yorkse wijk Soho, op een steenworp afstand van veel van de labels die Cutrone vertegenwoordigt. Eén van de vele stagiaires (‘Ik werk hier al drie dagen!’) roept dat ‘Kelly’ zo komt. Even later komt Cutrone’s warrige assistent Brunson Stafford de ‘showroom’ binnen. Hij heeft zijn baas aan de lijn. Of de verslaggever het interview in het restaurant tegenover wil afnemen? Cutrone heeft honger. ,,Ik heb net twee uur gesport”, klinkt het even later verontschuldigend. ,,De afgelopen tijd ben ik wat aangekomen en ik probeer weer in vorm te komen.”
In een rap tempo neemt de zakenvrouw annex alleenstaande moeder een gemiddelde dag door. ,,Ik sta rond zeven uur op en ga dan wandelen met mijn honden ˆ ik heb twee husky’s. Onderweg koop ik een kop koffie en ben dan rond acht uur weer thuis om mijn dochter Ava van negen wakker te maken. Samen ontbijten we en dan gaat Ava naar school, al gaat ze nu in de zomer op kamp. De honden gaan naar ‘doggy day care’ en ik bel dan mijn cliënten in Europa en Azië. Om negen uur doe ik een half uur cardio en daarna ga ik naar kantoor en heb ik ‘meetings’. Ik ben in ieder geval twee avonden per week thuis bij Ava en ik ben zeker twee avonden per week weg voor mijn werk. De weekenden proberen we in ons landhuisje door te brengen.”
Je kunt veel van Cutrone zeggen, maar niet dat ze lui is. Ze bestiert een PR-firma met vestigingen in New York, Los Angeles en Parijs, produceert een aantal tv-programma’s, schrijft boeken en treedt sinds kort op als deskundige in de succesvolle talkshow van Dr. Phil. En dan is ze bezig haar tweede show aan de man te brengen. ,,Maar dat is nog geheim.”
Toch twijfelde Cutrone in 2009 geen moment toen de Amerikaanse tv-zender Bravo haar een eigen show aanbood. ,,Ik heb altijd al het gevoel gehad dat mijn leven verfilmd zou moeten worden”, lacht ze tussen twee happen en een slok van haar margarita door (het is half vier ’s middags). ,,Er zijn veel misvattingen over de modewereld. Veel meisjes en homo’s zien het als een droom, maar hebben geen idee wat het inhoudt. Ik hoop dat ze door Kell on Earth beseffen dat het niet allemaal draait om de kokosnootbikini van ontwerper X, maar worden aangemoedigd verder te dromen. Bovendien vind ik mijn bedrijf een interessante, dynamische setting.”
Kell on Earth heeft soms ook meer weg van een kantoorsoap. Over de stagiaires die de cadeautasjes voor modejournalisten totaal verkeerd inpakken, de medewerkster die alles verprutst en uiteindelijk zelf maar ontslag neemt en de assistent die na vakantie in Californië niet meer terugkeert. De medewerkers die overblijven, krijgen het flink voor de kiezen. Intrigerende televisie, vooral als je in je achterhoofd houdt dat op Cutrone en haar zakenpartners Emily en Robyn na, niemand van de ‘cast’ nog bij People’s Revolution werkt.
Haar nieuwe assistent Brunson moet ook nog flink worden ingewerkt. ,,Hij maakt te veel fouten. Boekte een verkeerde hotelkamer waardoor ik ineens 6000 dollar duurder uit was. Wilde een afspraak plannen op dinsdag 7 augustus, maar die dag bestáát helemaal niet.” Vanaf haar BlackBerry leest ze een e-mail voor die ze naar hem stuurde. De boodschap: als het ‘binnen twee tot vier weken’ niet beter gaat, kan hij zijn tassen pakken en teruggaan naar South Carolina.
Ze is ‘intens’, geeft Cutrone toe. ,,Maar het zijn geen impulsieve reacties. Ik kies ervoor om me zo op te stellen. Ik werk al zo lang in deze business dat ik precies weet hoe ik op een fout moet reageren zodat de betrokkene er het meest van leert. Soms is dat fel, compleet met schelden, soms wat milder.” Op deze woensdagmiddag in augustus is ze ontspannen. ,,Als je me over een maand, net voor de Fashion Week in New York zou spreken, zou dat heel anders zijn ja.” De drukte bij People’s Revolution bereikt twee keer per jaar (in september en februari) een hoogtepunt tijdens de prestigieuze Fashion Week, waar het bedrijf van Cutrone de organisatie van meerdere modeshows in handen heeft.
Cutrone heeft zelf nauwelijks last van haar drukke dagen. Ze vergelijkt zichzelf met de hindoeïstische godin met acht armen. ,,Je moet in het nu kunnen leven. Als ik bij Ava ben, ben ik bij Ava. Als ik modeshows produceer, ben ik daar voor de volle honderd procent mee bezig. En nu spreek ik met jou en ben ik daar helemaal op gericht.” Al neemt Cutrone in het gesprek wel twee keer haar BlackBerry op: één keer voor een cliënt uit Londen en een keer voor haar personal trainer. Als het eten op is, het margaritaglas leeg en het gesprek afgelopen, staat ze kreunend op. ,,Mijn benen doen zo’n pijn. Maar in januari 2012 wil ik weer in vorm zijn. Misschien ga ik dan zelfs ook weer daten.” Het kan nog net voor de Fashion Week van februari.
Kell on Earth wordt iedere donderdag om 22.55 uitgezonden op TLC.
