TORNADO’S IN OKLAHOMA: WACHTEN OP EEN CUMULUS ERECTUS

(Van onze correspondent Hanneke Keultjes)
(GPD) – Aan het eind van de middag schelt er een stem door de twaalfpersoons Ford-bus. ,,Een cumul!”, roept Eric Terpstra opgetogen. Vier hoofden schieten in de richting waar hij naar wijst. Daar hangt een nauwelijks zichtbare witte wolk een wolk te wezen. Maar het is genoeg om de Nederlandse tornadojagers in opperste staat van opwinding te brengen.
Zo’n ‘cumul’, afkorting van cumulus oftewel stapelwolk, kan zomaar uitgroeien tot een flinke onweersbui. En een onweersbui kan weer leiden tot een tornado. En precies voor dat spectaculaire weerfenomeen – en dus niet om als ramptoerist de schade te bekijken – rijden de mannen drie weken over de Great Plains.
Vrijwel ieder jaar sinds 1996 neemt een aantal werknemers van het Wageningse weerbureau Meteo Consult vakantie om in de Verenigde Staten op tornado’s te ‘jagen’. Het tornadoseizoen beleeft in mei doorgaans het hoogtepunt in Tornado Alley, een strook in het midwesten van het land. Daar – begrensd door de Rocky Mountains aan de ene kant en de Appalachen aan de andere kant – botst hete, vochtige lucht uit de Golf van Mexico en hete, droge lucht uit Mexico op koude lucht uit Canada.
Maar voor een tornado zijn nog meer ingrediënten nodig: cap (inversie), cape (onstabiliteit) en jet (bovenluchtstroom). In Jip-en-Janneketaal: de lucht in de bovenste luchtlaag moet kouder zijn als die in de onderste luchtlaag. Dan kan de stapelwolk als een heteluchtballon naar boven stijgen en een cumulus erectus worden. ,,Meteorologenhumor”, lacht Wouter de Baar. Is de lucht daarboven droog (als de inversie sterk is), werkt dat als een deksel.
De lucht is deze dag wolkenloos blauw, de zon schijnt. Het is ‘slecht weer’ in Oklahoma. Hoe De Baar ook op het scherm van zijn laptop tuurt, de regenboogkleuren van de verschillende weer- en windkaarten voorspellen hetzelfde. Een prachtige dag. Maar niet als je tornadojager bent.
Meteoroloog De Baar (28), voor de derde keer op de Plains, is vandaag verantwoordelijk voor de ochtendbriefing. In een hotelkamer in een buitenwijk van Oklahoma City bespreekt hij de kaarten met zijn net wakkere teamgenoten. IT’er Arno Paanstra (33) is dit jaar voor de zevende keer mee en zag de meeste tornado’s. Meteoroloog Floris Bijlsma (34) jaagde al vier keer en IT’er Ben Peters (34) is voor het eerst mee. Oud-collega Eric Terpsta (44) heeft zich later aangesloten voor een weekje ‘storm chasen’.
Degene die de briefing geeft, beslist in samenspraak met de anderen de dagkoers. Als de keus moeilijk is, hakt veteraan Paanstra de knoop door. Soms rijden de chasers wel 1000 kilometer op één dag om een paar staten verderop een onweersbui te zien ontstaan. Er hoeven deze dag geen grote afstanden te worden gereden. Als er een bui ontstaat, is die kans het grootst in Oklahoma zelf, concludeert De Baar.
De koffers worden achterin de bus – ooit wit, maar nu stoffig van anderhalve week chasen – gestapeld. Bij het verhuurbedrijf vertelde Paanstra de dame achter het loket dat ze wel eens veel kilometers zouden gaan maken. De Plain strekken zich immers uit van Texas in het zuiden naar North Dakota in het noorden. ,,We gaan ijsberen kijken in Canada”, spelde hij haar op de mouw. Niks aan de bus verraadt nog dat het om een standaard-huurauto gaat. Op de motorkap en deuren is het blauwe logo met een trechtervormige wervelwind geplakt – goed voor veel nieuwsgierige blikken op de snelweg en aanleiding voor veel Amerikanen om een praatje te maken – er staan extra antennes op het dak voor mobiel internet en satelliet en op het dashbord ligt een veelheid aan kabels verstopt onder zwart Duck-tape. Aan de achteruitkijkspiegel bungeld een mascotte: een rubber badeendje van collega Margot Ribberink, die er dit jaar niet bij is.
Bijlsma zit achter het stuur, Paanstra zit er naast met gedetailleerde wegenkaarten en een laptop op schoot. Continu worden de meest recente weerkaarten opgehaald en geanalyseerd. Vanaf de achterbank kijken Peters, De Baar en Terpstra mee. De route voert door Chickasha, waar een paar dagen eerder een kleine tornado schade aanrichtte. Gebouwen zijn verwoest, bomen omgeknakt en de lokale Shell mist de ‘S’ en een ‘l’. Maar tanken in de ‘hel’ kan niet. De pomp is door de schade gesloten.
Geduld hebben hoort bij het ‘chasen’. Pas na twee jaar jagen zag het team de eerste tornado’s en nog steeds zijn er jaren dat ze drie weken lang kris-kras door de midwest rijden zonder een tornado te zien. Dit jaar is al een succes: de eerste tornado’s zijn inmiddels vastgelegd voor op de website tornadojagers.nl.
De opwinding over de bloemkoolwolk, ongeveer 50 kilometer ten noorden van Hinton, blijkt voor niks. De cumulus valt uit elkaar. Het team stapt uit om de mooie zonsondergang vast te leggen, voor ze anderhalf uur verderop een motel opzoeken. Morgen is er weer een dag.
Advertenties

ONWENNIG BEGIN VAN BAN OP ROKEN IN NEW YORKSE PARKEN

(Van onze correspondent Hanneke Keultjes)
NEW YORK (GPD) – Sonya Burlan maakt een foto van het meer in Central Park, trekt haar goudkleurige sjaaltje recht en neemt een ferme hijs van haar sigaret. De 22-jarige New Yorkse van Israëlisch-Oekraïnse komaf laat het park in het hart van haar stad aan een Israëlische vriendin zien. Onder het genot van een illegaal sigaretje.
Sinds maandag is roken in alle 1700 stadsparken en -parkjes in New York en op ruim twintig kilometer strand verboden. Het is een volgende stap van burgemeester Michael Bloomberg om vanwege de ‘volksgezondheid’ het roken te ontmoedigen. En dat in het land dat ‘individuele vrijheid’ zo hoog in het vaandel heeft staan. Overtreders riskeren een boete van 50 dollar (35 euro), oftewel de prijs van vier pakjes sigaretten in New York.
Burlan zal er geen sigaret minder om roken. Ze is ‘woest’ op Bloomberg. ,,Ik rook toch in de buitenlucht? En het is toch mijn eigen keus om te roken? Als Bloomberg echt zo bezorgd is om de volksgezondheid moet hij eens iets aan overgewicht doen. Dát is pas een gezondheidsrisico.”
Een werknemer van de parkendienst roept haar vanuit het donkergroene golfkarretje toe dat roken nu verboden is. ,,Thank you”, antwoordt de pas afgestudeerde gedecideerd, terwijl ze schouderophalend nog maar een trekje neemt. Want uitmaken? ,,Ik pieker er niet over.”
De vijf maanden oude Yorkshire Terriër Chip is dolgelukkig met het rookverbod, zeggen zijn baasjes Barbara en Tadd. Het koppel van middelbare leeftijd woont op een steenworp afstand van Central Park en twee keer per dag wandelen zij er met hun ‘puppy’. ,,En dan is het maar wat fijn om frisse lucht in te ademen”, zegt Barbara, terwijl ze even pauzeren op een bankje bij het honkbalveld. ,,Stel dat hiernaast nu iemand zou zitten te roken. Dan adem ik ook die rook óók in. Dat wil ik niet.”
Dat wil niet zeggen dat het paar rokers op het verbod zou aanspreken. ,,Nee, dat durf ik niet aan”, zegt Tadd. ,,Dan ga ik wel ergens anders zitten”, vult Barbara aan. Zij hoopt dat het rookverbod zorgt voor bewustwording. ,,Dat mensen beseffen dat het gezonder is om maar gewoon te stoppen.” Tadd ziet het minder idealistisch in. ,,Fietsen op de wandelpaden is in Central Park ook verboden. Maar het gebeurt toch. De politie staat er bij en kijkt er naar.”
New York was al geen rokersvriendelijke stad. Het was één van de eerste Amerikaanse steden die in 2003 roken in cafés en restaurants verbood. In veel huurcontracten staat dat roken in de woning is verboden. Twee weken geleden stemde een vereniging van eigenaren van een woontoren op Manhattan voor een algeheel rookverbod in het pand. Rokers die daarin net een appartement hadden gekocht, rest weinig anders dan verhuizen of buiten roken. En zelfs dan moeten rokers op een paar meter van de ingang staan.
Het rookverbod heeft in New Yorkse media veel aandacht gekregen. Maar toeristen krijgen die publiciteit niet mee. De Britse Elaine Barlow schrikt als ze bij de Bethesda Fountain hoort dat ze geen sigaret meer had mogen opsteken. De bordjes bij de ingangen van Central Park heeft ze over het hoofd gezien. ,,Ik wist het echt niet”, klinkt het geschokt. ,,Ik hou me altijd aan de regels.”
Samen met haar dochter Zoe bekijkt ze de stad voor het eerst. Thuis, in Manchester, mag er in pubs, restaurants en bioscopen niet meer worden gerookt. Ze juicht het toe. ,,Dan wordt het misschien makkelijker om te stoppen.” Jaren geleden probeerde Elaine al eens van haar rookverslaving af te komen. Ze kwam kilo’s aan. ,,Ik leek wel een ballon.”
Sonya Burlan, die ‘een jaar of vier, vijf’ rookt, ziet zichzelf alleen in het ‘ballonscenario’ haar Marlboro’s in de prullenbak gooien. ,,Want als ik getrouwd ben en zwanger raak, stop ik. Níet omdat burgemeester Bloomberg het wil!”

PRAATSHOW-GODIN OPRAH WINFREY NEEMT AFSCHEID

O. Eén letter en iedereen in de VS weet wie het is: Oprah Winfrey. De talkshowgodin vindt het na 25 jaar welletjes: volgende week woensdag is haar allerlaatste aflevering te zien in de VS. ‘Tout Hollywood’ draafde op voor maar liefst twee – vooraf opgenomen – afscheidsuitzendingen: van Aretha Franklin, Beyoncé, Usher, Madonna en Tom Cruise tot Stevie Wonder. ,,Ze is belangrijker dan welke politicus of staatsman ook.”

(Van onze correspondent Hanneke Keultjes)
NEW YORK (GPD) – Als enige Nederlandse gast ooit kreeg Esmée Denters in november 2007 de zo kenmerkende dikke knuffel van Oprah Winfrey. ,,Ik voelde me daarna meteen op mijn gemak.” De zangsensatie, groot geworden door YouTube, zou zo weer op het vliegtuig naar Chicago stappen. Maar de kans om nog eens bij Winfrey op de bank te zitten is nihil, want na 25 jaar valt woensdag het doek voor de Oprah Winfrey Show. Het einde van een tijdperk. Denters (22) vindt het jammer dat de show stopt. ,,Ik weet nog dat ik mijn klasgenoten vroeger vertelde dat het mijn ultieme droom was om Oprah te ontmoeten. Dat is gelukt en pakt niemand mij meer af.”
Met een fuchsiapaars pakje, ‘big hair’ en nog grotere schoudervullingen presenteerde Winfrey in 1986 haar eerste Oprah Winfrey Show. Het onderwerp: hoe zorg ik ervoor dat ik met mijn droomman trouw. Zelf houdt ze het bij haar eeuwige vriendje-op-de-achtergrond Stedman Graham en is ze nooit met haar zelfverklaarde held Paul McCartney in het huwelijksbootje gestapt. Wel stapte Winfrey met haar debuut in de voetsporen van talkshowhosts als Phil Donahue, Sally Jessy Raphael en Geraldo Rivera. De aanpak van Winfrey verschilde wel met die van de traditionele praatprogramma’s van die tijd. Bij Winfrey waren (in het begin althans) geen ‘celebrities’ te zien, maar ‘gewone’ Amerikanen met ‘gewone’ problemen.
Al snel zorgde Winfrey voor hoge kijkcijfers. Andere zenders roken een kans; een talkshow is immers goedkoop te produceren, er hoeven geen tekstschrijvers en acteurs te worden betaald. Dus kwam de concurrentie: Jerry Springer, Jenny Jones en Ricki Lake. In de strijd om de kijker werd de toon steeds schreeuweriger. Shows met de meest bizarre thema’s als ‘zwanger van mijn zwager’, ‘ik heb mijn penis afgesneden’ en niet te vergeten: ‘ik heb een relatie met de 24-jarige ex-vriend van mijn twaalfjarige dochter’, zorgden voor sensationele televisie.

HYSTERIE
Winfrey kon niet anders dan meegaan in de hysterie van de sensatiebeluste collega’s, zegt de Amerikaanse hoogleraar media Janice Peck, die een boek schreef over de invloed van Winfrey op de Amerikaanse media. ,,Alles voor de kijkcijfers.” Zo maakte Oprah twee sensatiebeluste uitzendingen over Betty Broderick, de moeder van drie kinderen die in 1989 haar ex-man Dan en nieuwe vrouw Linda door het hoofd schoot, terwijl ze lagen te slapen. Broderick werd door de familie van haar man afgeschilderd als monster. ,,Maar toen een gast van de Jenny Jones Show na een uitzending de andere gast vermoordde, was het voor Oprah de maat vol”, weet Peck, verbonden aan de universiteit van Colorado. ,,Ze nam heel bewust afstand van de andere talkshows.”
Zo gaf ze Rhett Broderick, de jongste zoon van Betty, de kans om het scheve beeld dat Winfrey begin jaren negentig van zijn moeder schetste recht te zetten. Broderick, die elf jaar was toen zijn moeder zijn vader vermoordde, greep de uitnodiging met beide handen aan en niet alleen omdat hij op kosten van productiebedrijf Harpo een weekend naar Chicago kon. ,,Ik hoopte dat mijn verhaal vertellen bij Oprah zou helpen om mijn moeder vervroegd uit de cel te krijgen.” Tevergeefs. Broderick denkt dat zijn moeder nooit meer vrij zal komen. ,, Ik kon niet echt mijn verhaal doen, Oprah wilde me het verhaal laten vertellen zoals zij dat haar hoofd had.” Toch heeft Broderick geen spijt. ,,Het was een bijzondere ervaring. En Oprah was ontzettend warm en hartelijk.” Winfrey schaarde de uitzending met Broderick bij haar twintigjarig jubileum onder haar ‘meest memorabele’.

BOEKEN
Na haar koerswijziging begon Winfrey met Oprah’s Book Club, waarmee ze haar kijkers iedere maand uitdaagde een boek te lezen. Tegen de verwachting in werd het een groot succes. Uitgekozen – of, beter gezegd, uitverkoren – worden door Winfrey was een garantie voor de nummer één positie op de beststellerlijsten. Peck: ,,Oprah werd zo ‘voorvervechter van alfabetisering’ en ‘hoeder van het geschreven woord’.” Na de leesclub volgde het Angel Network, een liefdadigheidsnetwerk waarmee Winfrey mensen opriep om iets te betekenen voor de mensen in hun omgeving. En met iedere stap groeide haar imperium, kreeg ze meer naamsbekendheid – de letter ‘O’ was genoeg – en steeg ze boven haar voormalige concurrenten uit, stelt Peck. ,,Ik zie Julia Roberts niet zo snel te gast zijn bij Jerry Springer, maar bij Oprah schuiven alle beroemdheden maar wat graag aan. In het midden van de jaren negentig transformeerde ze van ‘zomaar een talkshowhost’ naar een icoon.”
Voor Kathryn Lofton, hoogleraar religiestudies en Amerikanistiek aan de prestigieuze universiteit Yale, heeft het woord icoon ook een echt religieuze betekenis. ,,Oprah kreeg in 1998 een openbaring”, stelt Lofton. Ze was toen verwikkeld in een rechtzaak met veehouders die zeiden dat de prijs van rundvlees was gekelderd nadat Winfrey negatieve opmerkingen maakte over vlees. ,,Ze realiseerde zich toen dat zij een bron moest worden voor ‘het goede’ in de wereld. Vanaf dat moment werd haar show ‘change your life TV’: hoe word ik een beter mens, echtgenoot, moeder, dochter. Sindsdien is ze belangrijker dan welke politicus of staatsman dan ook.”
Lofton schreef het recent gepubliceerde boek The Gospel of an Icon (het loflied van een icoon), waarin ze Oprah neerzet als een religieus figuur. Volgens Lofton zijn alle ingrediënten daarvoor aanwezig: ze heeft volgers (haar trouwe kijkers), een dagelijkse preek (haar show), een bijbel (O Magazine), discipelen in de gedaanten van psycholoog Dr. Phil McGraw, chef-kok Rachael Ray, binnenhuisarchitect Nate Berkus en dr. Mehmet Oz (ze hebben allen een eigen programma) en alles wat ze aanraakt verandert in goud.
De jaarlijkse aflevering waarin ze haar favoriete hebbedingen uitdeelt aan haar hysterische publiek, is daar een goed voorbeeld van. De mensen thuis die de weggevertjes mislopen, rennen direct naar de dichtstbijzijnde winkel om die kasjmieren Ralph Lauren kabeltrui, de Uggs-met-pailletten en een potje Hope in a Jar-wondercrème van Philosophy aan te schaffen. Er is zelfs een naam voor: ‘het Oprah-effect’.
En die producten zijn heus niet echt allemaal Oprah’s Favorite Things. Bedrijven ontwikkelen hele strategieën om Winfrey zo ver te krijgen om hun tv’s/croissants/laptops/in chocolade gedoopte cranberry’s/camera’s uit te roepen tot ‘favoriete ding’. Mediaprofessor Peck: ,,De kracht van Oprah is dat ze authentiek is – ze kan immers niet worden omgekocht – je weet als kijker dat ze het niet zou aanbevelen als ze het zelf niet geweldig zou vinden.”

ARMOEDE
Dat heeft alles te maken met Winfrey’s levensverhaal. Of liever: hoe Winfrey wil dat haar levensverhaal wordt verteld. Orpah Gail Winfrey werd in januari 1954 als dochter van een tienermoeder geboren op het arme platteland van Mississippi. Ze krijgt een bijbelse naam, maar omdat niemand in haar ongeletterde familie weet hoe die moet worden geschreven of uitgesproken wordt het al snel Oprah. Winfrey brengt haar jeugd in bittere armoede door bij haar oma, waar ze jurkjes draagt jute zakken alsen wordt misbruikt. Op haar veertiende raakt ze zwanger, maar haar zoon overlijdt kort na de geboorte. Dat verhaal is bekend. Maar dat ze later in haar leven met schoolbussen naar de beste ‘witte’ scholen werd gebracht is minder bekend. Net als de studiebeurs die ze kreeg voor haar studie communicatiewetenschappen. ,,Oprah wil dat mensen denken dat ze het ene moment in een auto woonde en het andere moment húp Oprah Winfrey was; helemaal op eigen kracht”, zegt Peck. ,,De waarheid is dat ze hulp heeft gehad van ‘het systeem’.”
Nu Winfrey stopt met haar show, die de afgelopen jaren al te maken kreeg met kelderende kijkcijfers en haar aandacht richt op haar eigen tv-station OWN (Oprah Winfrey Network) zou haar imperium wel eens als een kaartenhuis in kunnen storten, vreest Peck. ,,Alles staat met elkaar in verbinding: de show, het magazine, de website. Maar de show is het middelpunt; het cement dat alles bij elkaar houdt. Ik ben benieuwd wat er gebeurt nu die wegvalt.”
Esmée Denters, in Londen bezig aan haar tweede album, denkt niet dat het zo’n vaart zal lopen. Ze merkt de impact van de show bijna vier jaar later nog steeds. ,,Ik krijg nog altijd veel reacties. Vorige maand nog uit Spanje, bijvoorbeeld. Daar werd de aflevering waarin ik te gast was toen uitgezonden.”

STRAUSS-KAHN VERRUILT CEL VOOR ENKELBAND

(Van onze correspondent Hanneke Keultjes)
NEW YORK (GPD) – Van gevangene in het omstreden cellencomplex van Rikers Island in New York naar gevangene in een huis – en niet eens zijn eigen huis. Dominique Strauss-Kahn verruilde de naar de Nederlander Abraham Rycken vernoemde gevangenis gisteren (vrijdag) voor een tijdelijke accommodatie met videocamera’s en een bewaker. Maar dat ging niet zonder slag of stoot.
De poging van zijn vrouw, tv-journalist Anne Sinclair, om in allerijl een appartement te huren, mislukte. De luxe woontoren Bristol Plaza (‘beter dan een hotel’ en mét een dagelijks kamermeisje) aan de chique Upper East Side weigerde Strauss-Kahn onderdak te verlenen. Zijn vrijlating werd daarmee vertraagd, maar aan het eind van de middag (Amerikaanse tijd) werd hij naar een ‘tijdelijke locatie’ gebracht. Zijn vrouw blijft ondertussen speuren naar een geschikt appartement.
Nu Strauss-Kahn uit de cel is, is een gewapende bewaker één van de vele waarborgen om een vluchtpoging van de van poging tot verkrachting verdachte Fransman te voorkomen. Probeert Strauss-Kahn onverhoopt te ontsnappen, dan mag de bewaker geweld gebruiken om hem te stoppen. Voor die ‘service’ moet hij wel zélf betalen: de particuliere bewakers kosten 200.000 dollar (140.000 euro) per maand. Dat kan behoorlijk in de papieren lopen, want doorgaans hebben rechtszaken in de Verenigde Staten een looptijd van vele maanden; zo niet jaren.
Over de exacte voorwaarden van het huisarrest dat Strauss-Kahn donderdag kreeg opgelegd, wordt schimmig gedaan. De New Yorkse openbaar aanklager verwijst naar de advocaten van de oud-IMF-directeur. Advocaat Benjamin Brafman geeft echter ‘geen commentaar’.
Duidelijk is dat Strauss-Kahn 24 uur per dag gevolgd gaat worden. Naast de videosurveillance gebeurt dat met een ‘elektronische monitor’; een enkelband. Het zwarte kunststof kastje dat met waterbestendige banden om de enkel wordt gegespt, is tegenwoordig uitgerust met een gps-zender. ,,Die stuurt iedere minuut een signaal naar de ontvanger. Als dat signaal stopt, omdat de gedetineerde bijvoorbeeld zijn appartement verlaat of probeert de enkelband te verwijderen, gaat een alarm af”, weet hoogleraar criminologie Marc Renzema, gespecialiseerd in elektronische monitoring. Dat de Fransman naast de enkelband ook nog eens met camera’s in de gaten wordt gehouden, vindt de hoogleraar verbonden aan de Kutztown University in Pennsylvania wat overdreven. ,,Maar sommige mensen dragen én een riem én bretels.”
Strauss-Kahn mag zijn appartement alleen verlaten als hij in de rechtbank moet verschijnen, een afspraak heeft met zijn advocaten, voor doktersbezoek of als hij een kerkdienst wil bijwonen. Bezoek is welkom, maar niet meer dan vier niet-familieleden per keer.
Strauss-Kahn betaalde gisteren 1 miljoen dollar (700.000 euro) zodat hij zijn proces buiten de cel kan afwachten. Als extra borg is door zijn vermogende echtgenote nog eens 5 miljoen dollar (3,5 miljoen euro) beschikbaar gesteld. Ze gebruikt daarvoor onder andere haar villa in Washington, die 4 miljoen dollar (2,8 miljoen euro) waard is.
Op 6 juni staat de gevallen voormalig IMF-topman weer voor de rechter. Dan wordt hij officieel voorgeleid. Vooruitlopend daarop maakte hoofdaanklager Cyrus Vance bekend dat hij vervolgd zal worden voor aanranding, poging tot verkrachting en wederrechtelijke vrijheidsberoving. ,,Onder het Amerikaanse strafrecht zijn dat serieuze misdrijven”, benadrukte hij.

HUISARREST VOOR STRAUSS-KAHN

(Van onze correspondent Hanneke Keultjes)
NEW YORK (GPD) – De dertiende verdieping van de New Yorkse rechtbank heeft Dominique Strauss-Kahn geluk en ongeluk gebracht. Geluk, omdat de rechter gisteren besloot hem op borgtocht vrij te laten. Hij wordt vrijdag bij zijn in New York woonachtige dochter onder huisarrest geplaatst. Ongeluk, omdat de Fransman formeel werd aangeklaagd voor wat zich zaterdag in een luxe hotelkamer op Manhattan afspeelde.
De exacte tenlastelegging wordt later bekend, waarschijnlijk pas op 6 juni als Strauss-Kahn wordt voorgeleid. Naar verwachting zal hij beschuldigd worden van een seksueel misdrijf, poging tot verkrachting en wederrechterlijke vrijheidsberoving.
Onder massale mediabelangstelling verscheen de oud-IMF-directeur gisteren voor de tweede keer voor de rechter; ditmaal wel geschoren. Zijn advocaten zouden nogmaals een verzoek om vrijlating op borgtocht indienen, maandag werd een verzoek daartoe nog afgewezen. Zijn advocaten beloofden dat Strauss-Kahn 1 miljoen dollar in contanten zou betalen, zijn paspoort zou inleveren als garantie dat hij niet naar Frankrijk zou vluchten en in afwachting van zijn proces met een enkelband om bij zijn dochter zou logeren. Die woont in New York. Ook krijgt hij een bewaker, de rekening daarvan moet hij zelf betalen. Als Strauss-Kahn toch vlucht, wordt hem nog eens 5 miljoen dollar in rekening gebracht.
Onverwacht maakte de openbaar aanklager ook bekend dat de onderzoeksjury, die woensdag het bewijs bekeek en getuigen hoorde, had besloten Strauss-Kahn in staat van beschuldiging te stellen. Die uitspraak stond aanvankelijk gepland voor de zitting van vrijdag.
Part 51, de krappe rechtszaal waarin de zaak behandeld werd, zat twee uur voor de zitting begon al vol met journalisten; de meesten uit Frankrijk. Buiten de zaal stond een lange rij wachtenden, ook een aantal nieuwsgierige toeristen. Een minuut voor het begin werd de vrouw van Strauss-Kahn door een rechtbankagent naar binnen geleid. Anne Sinclair, een bekende Franse televisiejournalist, werd vergezeld door één van de vier dochers van Strauss-Kahn. Ze had haar arm om de vrouw van haar vader geslagen. Beiden droegen zwart en keken bedrukt.
Direct na de uitspraak hielden zowel de aanklager als de advocaten van Strauss-Kahn een persconferentie. De camera’s daarvoor stonden al vanaf zeven uur ’s ochtends opgesteld.

EXCELLEREN OM GOD TE VERHEERLIJKEN

Meer dan twee miljoen kinderen krijgen in de VS onderwijs van hun vader of moeder. De slimste ‘homeschoolers’ gaan daarna God’s Harvard. Patrick Henry College is even omstreden als bejubeld. De streng christelijke universiteit kwam op een onverwachte manier in het nieuws: dankzij de net uitverkoren Miss America.

(Van onze correspondent Hanneke Keultjes)
PURCELLVILLE (GPD) – Sarah Pride vouwt haar handen, buigt haar hoofd en prevelt in rap tempo ‘Thank you Lord’. De rest van haar conversatie met de Schepper is onverstaanbaar, maar ongetwijfeld dankt ze hem voor de gegrilde kip die op haar bord ligt, de gebakken aardappelen, linzensalade en haar appelkruimeltoetje.
In de hyperschone kantine zitten veel studenten aan eikenhouten tafels en stoelen, maar er is geen spijkerbroek of joggingbroek – het onofficieuze uniform van vrijwel iedere andere Amerikaanse universiteit – te bekennen en alle studentes zijn decent bedekt. Op deze universiteit geldt een kledingcode: corporate casual, wat in de praktijk zoiets betekent als netjes; pantalon met blouse. Prettig, vindt de 27-jarige Sarah, die als oud-student nu voor de universiteit werkt. ,,Ik voelde me na mijn studie direct op mijn gemak in mijn werkoutfit.” Wordt de code gebroken, door een zichtbaar beha-bandje bijvoorbeeld, dan volgt er een vriendelijke doch dringende reprimande per e-mail.
Patrick Henry College in het plattelandsdorp Purcellville in Virginia, op ruim een uur rijden van hoofdstad Washington, leidt studenten op om God te dienen. Miss America, de 17-jarige Teresa Scanlan uit Nebraska, maakte bekend na haar jaar als schoonheidskoningin aan Patrick Henry College te willen studeren. Hoewel niet iedereen daar even gelukkig mee is – paraderen in bikini hoort niet echt bij een devoot christen – zorgt het wel voor gratis publiciteit.
Begin deze eeuw vergaarde de universiteit al faam in de VS omdat het hofleverancier was van de stagiaires in het Witte Huis. Tenminste toen daar met George W. Bush nog een evangelistisch christen woonde. Sinds Barack Obama er is ingetrokken, heeft geen enkele student er meer stage gelopen. De democraat heeft weinig op met de enige, streng protestants-christelijke instelling voor hoger onderwijs in de Verenigde Staten die speciaal is opgericht voor studenten die thuisonderwijs hebben genoten. Waren dat er in 1999 nog 850 duizend, inmiddels krijgen meer dan 2 miljoen Amerikaanse kinderen thuis les. Ook Miss America werd door haar moeder onderwezen. In vrijwel alle gevallen gebeurt dat op religieuze gronden, een enkele keer uit onvrede over het slechte openbare schoolsysteem.
Ondanks dat hoge aantal ‘homeschoolers’ zitten slechts 200 studenten op Patrick Henry College. De lat voor toelating ligt hoog: studenten moeten een verklaring ondertekenen waarin wordt gesteld dat satan het doel heeft hen te verleiden tot het kwaad en alleen de allerslimsten worden toegelaten.
Ian Reed (22) is één van die slimmeriken. Hij is ervan overtuigd dat hij ooit een Oscar zal winnen. Niet met een film in de huidige Hollywood-stijl – dat is immers Sodom en Gomorra met al het geweld, seks en grove taalgebruik – maar met een film die de Bijbelse waarden hoog in het vaandel heeft. ,,Ik wilde eigenlijk naar de filmacademie in Californië, maar de technische kant van het filmmaken leer ik later wel. Het is belangrijker om een verhaal te kunnen vertellen. Ik denk liever dan dat ik alleen de aan- en uitknop van een camera indruk.”

***
Patrick Henry College is in 2000 opgericht door jurist Michael Farris, op een stuk land vijf kilometer van zijn huis. In zijn riante hoekkantoor hangt een gigantische elandenkop. Door Farris zelf geschoten in Texas. ,,De rest hangt buiten.” Het is een zeldzaam grapje van de verder strenge man, die afgeeft op alle ‘liberale’ universiteiten die abortus promoten en homoseksualiteit goedkeuren. ,,Het geloof in God wordt op die scholen vernietigd.” Farris heeft één droom: een Amerikaanse president met een diploma van Patrick Henry College. Vooruit, een rechter aan het Hooggerechtshof mag ook. ,,Die kans is in wezen nul”, erkent hij. ,,Het is niet intellectueel acceptabel om conservatief te zijn in dit land.”
Farris omschrijft zichzelf als ‘iemand die dingen voor elkaar krijgt’. Hij wist het geld nodig voor de bouw van de campus en salarissen van medewerkers bij elkaar te krijgen dankzij gulle gelovigen. Dankzij de donaties en het collegegeld, dat met 15.000 euro bijna 7500 euro lager ligt dan bij topuniversiteiten, kan PHC zichzelf bedruipen.
De universiteit kreeg ook (financiële) hulp van de Home School Legal Defense Association (HSLDA), een organisatie die ouders waar ook ter wereld juridisch bijstaat als zij hun kinderen thuisonderwijs willen geven. In Nederland wordt er in uitzonderlijke gevallen toestemming gegeven voor thuisonderwijs, weet advocaat Michael Donnelly van HSLDA. Driehonderd Nederlandse kinderen worden door hun ouders onderwezen.
Donnelly’s kinderen Peter (13), Matthew (12), Joseph (10), Nathan (7), Grace (5) krijgen thuis les (Faith van 3 en de 2 maanden oude Joshua zijn nog te jong). Donnelly (43) en zijn vrouw Patty (42) zijn hun enige leraren. Iedere woensdag, dus vandaag ook, gaat Peter met zijn vader mee naar zijn werk. Op een computer in een hoekje van zijn kantoor doet hij zijn werk.
Er zijn nog steeds vooroordelen: kinderen zouden niet worden ‘gesocialiseerd’, omdat ze te weinig contact hebben met de ‘echte’ wereld. Onzin, vindt Sarah Pirde. De meeste christelijke gezinnen zijn immers groot (thuis in Missouri heeft ze acht broertjes en zusjes). ,,Daar heb je tenminste echt een band mee. Vriendschappen op scholen zijn vaak nergens op gebaseerd.” Haar moeder, Mary Pride, is in homeschool-kringen een held. Ze was eerst feminist, maar bekeerde zich na haar huwelijk. Ze schreef handboeken over thuisonderwijs en geeft er een tijdschrift over uit.
Sarah werd gerekruteerd door topuniversiteiten als Harvard en Yale, maar ze koos voor PHC. Twee jaar geleden ontving ze haar bachelordiploma in literatuur, één van de vijf afstudeerrichtingen. Ze wil graag verder studeren, maar stuit op een groot dilemma: geen enkele universiteit deelt de waarden en normen van PHC. Terwijl ze dubt over haar toekomst heeft ze nu een baantje op haar alma mater, deelt ze een landhuis met vijf andere jonge vrouwen en geeft ze in haar vrije tijd taekwondo.

***
Opvallend: op Patrick Henry College oogt iedereen kerngezond; de term blakend lijkt speciaal voor deze studentenpopulatie uitgevonden. Student Brett Harris uit Oregon – die zich met zijn 22 jaar al bestsellerauteur mag noemen – legt uit waarom: naast hard studeren wordt het belang van sporten en ontspanning actief gepropagandeerd. ,,We worden uitgedaagd om het beste uit onszelf te halen. Daar gaat het boek dat ik samen met mijn broer heb geschreven ook over. Iedereen heeft lage verwachtingen van pubers en adolescenten. Dat is onterecht. Ik moedig mijn leeftijdsgenoten aan om hoge – misschien op het oog wel onhaalbare – doelen te stellen. En ja, dat betekent wel eens dat we een nacht doorstuderen. Maar we weten dat het ook oké is om op een zaterdag de hele dag op de bank te liggen.”
Zondagen zijn voor de kerk. En hoewel de band met God allesoverheersend is op de kleine campus, is er geen kerk te vinden. De studenten hangen verschillende christelijke stromingen aan. De baptisten gaan naar de baptistische kerk, de evangelisten naar de evangelistsche kerk en de anglicanen gaan naar de anglicaanse kerk. Geloofsgemeenschappen sturen busjes om de studenten naar de kerk te brengen.
De campus van PHC bestaat uit gebouwen opgetrokken uit rode bakstenen, de twee hoofdgebouwen zijn te herkennen aan witte pilaren. Studenten en studentes wonen gescheiden in aparte ‘dorms’. Ieder huisje, met namen als Mount Vernon – de plantage waar Amerika’s eerste president George Washington woonde – heeft een gemeenschappelijke huiskamer op de begane grond. Daar mogen studenten en studentes gezamenlijk studeren, tv kijken of spelletjes doen. Maar samen in de slaapkamers, op de eerste verdieping, is uit den boze. Iedere verleiding moet worden voorkomen. Kamergenoten moeten ervoor zorgen dat studenten niet over de schreef gaan.
Relaties – die ontstaan op iedere universiteit dus ook op PHC – worden al snel serieus. Uitgaan om het uitgaan is de gelovige studenten vreemd. Seks voor het huwelijk of iedere andere vorm van intimiteit is immers een doodzonde. Er wordt alleen ‘gedate’ om een levenspartner te vinden.
Bridget Degnan (21) uit Idaho ziet er met haar bruine sluike haar en grote, reebruine ogen misschien naïef uit, maar ze is waarschijnlijk met afstand het intelligentste meisje op PHC. Ze studeert journalistiek en wordt gedreven door blinde ambitie. Die ambitie dient slecht één doel, zegt ze zelf: de verheerlijking van God. ,,Ik zie drie levenspaden voor mezelf. Eén: ik ga rechten studeren en word advocaat of, nog beter, rechter. Twee: ik blijf bij de journalistiek en ga schrijven voor tijdschriften als Time of The New Yorker. Drie: Ik word echtgenoot en moeder en zet me 100 procent in voor mijn gezin.”
Als rector magnificus Graham Walker later met Bridgets stellige uitspraak wordt geconfronteerd, is hij verrast. ,,Dat had ik niet van haar verwacht. Van onze studenten is 45 procent vrouw. Wij leiden hen op om een maatschappelijke carrière te combineren met het runnen van een gezin.”
Walker is opgevoed als atheïst en kwam op latere leeftijd ‘tot God’. En niet zo’n klein beetje ook. Hij was professor op liberale universiteiten als University of Pennsylvania en Princeton, maar daar werd hij weggestuurd vanwege zijn geloof. Op PHC is het zijn doel om studenten alles te leren. Verboden boeken zijn er niet. Creationisme (de overtuiging dat God de aarde heeft geschapen) wordt onderwezen, maar ook de evolutietheorie. Walker: ,,Zodat ze niet zeggen: daar geloof ik niet in, maar ook kunnen beargumenteren wáárom ze er niet in geloven.”
Zo kan het zijn dat het debatteam van de school en het team dat rechtszaken naspeelt sinds de oprichting in 2000 al een hele prijzenkast vol bokalen heeft gewonnen. Ze versloegen teams van Oxford, Harvard, Duke en Georgetown. Ze kunnen net zo makkelijk argumenten bedenken vóór abortus als tegen abortus. ,,Onze studenten zijn overtuigd christen”, stelt rector Walker. ,,Die laten zich niet omturnen door andere ideeën. Wij hebben toch altijd gelijk.”

DE AMERICAN DREAM VAN PIETER HENKET: VAN SCHOONMAKEN TOT LADY GAGA

Van de mavo naar de glitter en glamour van New York. Of: hoe een Brabantse American Dream werkelijkheid werd. ,,Mijn leven is één grote vakantie.”

(Van onze correspondent Hanneke Keultjes)
NEW YORK (GPD) – Anno 2011 kent iedereen Lady Gaga. Dat was in 2008 wel anders. Toen Pieter Henket gevraagd werd om de Amerikaanse zangeres te fotograferen was zijn reactie veelzeggend: ‘Who the hell is that?’. Maar die fotosessie zou zijn leven veranderen en niet alleen omdat het hem in één klap tienduizenden dollars opleverde. Lady Gaga koos zíjn foto voor de omslag van haar eerste cd The Fame. De afbeelding werd zo iconisch, dat het Metropolitan Museum of Art ‘m tentoonstelde. ,,Dat had ik nóóit verwacht.”
En zo kan het zijn dat Henket (31) nu in een comfortabel appartement in de hippe New Yorkse wijk Chelsea woont, samen met zijn verloofde/manager Roger en naaktkat Elliot. Dat was niet altijd zo, vertelt hij aan de eettafel. ,,Ons eerste appartement was een studio met zo’n typisch Amerikaans opklapbed. Boven het bed had ik een rol wit papier hangen. Als ik die over de muur trok en met elastiek de deur openhield voor de juiste lichtinval, had ik een studio.”
Toen Pieter nog Pietertje was, liep hij thuis in Esch (NB) al met een camera rond. Hij filmde familiefeestjes, maar niet altijd tot ieders tevredenheid. ,,Dan lette ik op de details: zoomde ik net in op die oom die een traantje wegpinkte, maar miste ik het jawoord.” Hij weet al snel wat hij wil: naar de filmacademie. ,,Maar met alleen een mavo-diploma lukt dat niet.” Zijn vader zag een advertentie van de New York Film Academy en wilde zijn creatieve zoon wel een jaar naar New York sturen.
Dertien jaar geleden pakte Henket als – naar eigen zeggen – naïef jongetje zijn koffer en vertrok. Eenmaal in New York raakt hij gefascineerd door de bekende regisseur Joel Schumacher, die op dat moment in de stad de film Flawless aan het opnemen is. ,,Ik stond er iedere dag, van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat. Op het einde van de dag vroeg ik aan de crew waar ze de volgende dag gingen ‘shooten’. Pas na weken zag ik Schumacher zelf en ben ik op hem afgestapt. ‘Ik ben Pieter, kom uit Holland en mijn grootste droom is om in uw crew te werken’, zei ik. Schumacher reageerde met: ‘Eindelijk.’ Bleek dat ik hem al die tijd al was opgevallen. De regisseur, onder de indruk van zijn vasthoudendheid, zegt dat Henket ‘anytime’ voor hem mag werken. ,,Maar ik had de juiste papieren niet, dus eigenlijk mocht ik niks doen.”
Henket besluit in New York te blijven. Hij woont gratis in een jeugdherberg waar hij als tegenprestatie de kamers schoonmaakt. Later bedient hij voor 12 dollar per uur de vrachtlift voor een meubelmaker. ,,De foto’s van zijn meubels waren ontzettend lelijk. Ik zei tegen mijn baas dat ik het beter kon. De volgende dag stond ik op zolder, tussen de Mariabeelden, met keukenlampen als belichting foto’s te maken.”
Henket, een mooie jongen met blonde krullen, helblauwe ogen en een open gezicht, rolt dan zelf het modellenvak in. ,,Stond ik ineens in de Vogue met een Braziliaanse vlag om mijn nek. Ik vond het prima, want ik had al snel door dat ik van die fotografen veel kon leren.” Tussen de fotoshoots door keek Henket met de fotograaf mee: welke instellingen worden er gebruikt, wat is de sluitertijd.
Maar zijn leven als fotograaf gaat pas echt rollen als hij tijdens het stappen in een bar fotograaf Mitchell McCormack tegen komt, die voor toonaangevende Amerikaanse bladen als Harper’s Bazaar en Esquire werkt. Die geeft hem zijn eerste opdracht – zonder budget. ,,Modellenbureaus en visagisten hingen al op voordat ik had gezegd wie ik was. Niemand wilde met mij praten.” Ten einde raad trekt hij in Chinatown mooie Aziatische meisjes en jongens voor zijn camera. De opdracht slaagt. ,,Mitchell heeft me daarna als een soort Karate Kid onder zijn hoede genomen en mij het vak geleerd. Sindsdien is mijn leven één grote vakantie die nooit over gaat.”
Hoewel hij nu zijn brood verdient met fotograferen, laat de filmindustrie hem nog niet los. Veel van de sterren die hij voor zijn camera kreeg, zijn acteurs of regisseurs. En tijdens een fotosessie probeert hij zijn ‘modellen’ altijd te regisseren: hij bedenkt concepten, doet research naar de persoon die hij fotografeert en probeert zo altijd nét een stapje verder te gaan. ,,Ik wil alles onder controle houden, alles ensceneren, een droomwereld creëren.”
Nu neemt Henket zijn fascinatie voor film mee terug naar Nederland. In juni portretteert hij Gouden Kalf-winnaars als Carice van Houten, Rutger Hauer, Willeke van Ammelrooy en Paul Verhoeven. De band met zijn vaderland is Henket niet verloren. ,,Om de twee tot drie maanden ben ik ruim een week ‘thuis’ in Esch. Ik ben dol op mijn familie en geniet er enorm van om met mijn ouders te koken. Maar waar in Nederland een mentaliteit heerst van ‘doe maar gewoon, dan goed je al gek genoeg’, krijgt in New York iedereen de kans om iets van zichzelf te maken.”

BRANDWEERMANNEN TEGEN OBAMA: BEZUINIGEN IS ZELFMOORD

Terwijl tientallen Amerikaanse vlaggetjes voor een dollar van eigenaar wisselden, legde president Obama een rood-wit-blauwe krans bij Ground Zero en sprak met ‘helden’ van de brandweer. Die voerden actie, want twintig New Yorkse brandweerkazernes worden met sluiting bedreigd. ,,Wie gaat al die mensen bij een volgende aanslag redden?”

(Van onze correspondent Hanneke Keultjes)
NEW YORK (GPD) – Ruben Correa was altijd haantje de voorste. Maar op 11 september 2001 ging hij voor het laatst als eerste een brandend gebouw in; een toren van het World Trade Center. Correa (44) was de enige brandweerman die niet meer terugkeerde naar brandweerkazerne Engine Company 74, aan de New Yorkse Upper West Side.
Bij de aanslagen vonden 343 brandweermannen van de New York Fire Department (FDNY) de dood. Zij en hun collega’s die de terreurdaad overleefden, werden als helden geëerd. Een deel van West 83rd Street werd omgedoopt tot ‘Firefighter Ruben Correa Street’. Maar de heldenverering is van korte duur: burgemeester Michael Bloomberg maakt vandaag, een dag nadat president Barack Obama op Ground Zero de heroïsche brandweermannen van ‘9/11’ eerde, zijn nieuwe begroting bekend, waarin hij flink moet bezuinigen. Twintig brandweerkazernes moeten volgens de uitgelekte plannen dicht. Misschien ook wel Engine 74.
Achter de vuurrode deuren van de kazerne is een monument voor de oud-marinier opgericht met een kaars, een foto, een in steen gehouwen tekst (‘je was weg voordat we afscheid konden nemen’) en altijd verse bloemen. Er gaat geen dag voorbij of de brandweermannen van Engine 74 denken aan Ruben, zegt hoofdbrandmeester Brendan Deehan. ,,We hebben allemaal last van ‘survivor guilt’; waarom is hij wel dood en wij niet? Maar het leven gaat door.”
Deehan deelde gisteren folders uit rond het New Yorkse stadhuis en bij brandweerkazerne 10 tegenover Ground Zero, die op 11 september zes brandmannen verloor. Sluiting van kazernes is van de gekke, vindt hij. ,,Wat als er weer een ramp gebeurt en veel brandweermannen zijn wegbezuinigd? Wie gaat al die mensen dan redden?”
Al Hagan, voorzitter van de vakbond voor brandweerofficieren, heeft die boodschap gisteren aan president Obama overgebracht. Als één van de eerste brandweermannen die op 11 september ter plaatse was, mocht hij de president op Ground Zero bijstaan tijdens de kranslegging. ,,Ik heb hem niet in verlegenheid gebracht door op deze dag actie te voeren, maar hem wel op de hoogte gebracht van de bezuinigingsplannen en gevraagd of hij een goed woordje voor ons wil doen bij de burgemeester.”
Hoewel veel brandweermannen niet begrijpen waarom Obama een krans legt bij Ground Zero – probeert hij over de ruggen van de slachtoffers een politiek punt te scoren? – en sommigen het zelfs compleet onnodig vinden, vindt gepensioneerd brandweercommandant Jim Riches het een eer dat hij er op Ground Zero bij mocht zijn. ,,De president verdient zijn ‘atta boy’-moment. Wat hij heeft gedaan is geweldig en dat heb ik hem ook gezegd: hartstikke bedankt.”
Riches was er ook, op die septemberdag. Zijn longen zijn ‘stuk’ door de stofwolken die na de aanslagen op de plek des onheils bleven hangen. Maar dat valt in het niet bij het verdriet dat hij voelde toen hij het lichaam van zijn zoon, ook brandweerman, na een half jaar zoeken uit de puinhopen droeg. Jimmy zou op 12 september 2001 dertig zijn geworden. ,,Hij zal nooit meer aan de eettafel zitten, ook niet nu Bin Laden dood is. Maar ik had maandag wel het gevoel alsof er na bijna tien jaar een enorme last van mijn schouders viel.”
De drie zoons van Riches die ‘9/11’ wel overleefden, werken nog altijd als brandweerman in Brooklyn. Hij is bezorgd over hun toekomst, ook al benadrukte Obama gisteren de brandweermannen altijd te steunen. ,,Bloomberg moet de geplande bezuiniging echt terugdraaien. Het is pure zelfmoord om op de FDNY te bezuinigen.”

OBAMA’S BEJUBELDE DAADKRACHT KAN SNEL VERGETEN ZIJN

(Van onze correspondent Hanneke Keultjes)
NEW YORK (GPD) – Republikeinen stonden al niet bepaald in de rij om Barack Obama voor het presidentschap uit te dagen, maar nu zullen ze zich wel een paar keer extra achter de oren krabben. Het opnemen tegen een president die Amerika’s staatsvijand nummer 1 heeft uitgeschakeld, ga er maar aan staan.
De door hem persoonlijk geautoriseerde operatie waarbij Osama bin Laden om het leven kwam, is nu al ontegenzeggelijk hét moment van het presidentschap van Obama. Tijdens zijn speech van zondagavond (Amerikaanse tijd, red.) deed hij zijn best om niet te triomfalistisch over te komen. Maar op subtiele wijze benadrukte Obama zíjn niet uit te vlakken rol. Hij was het die het nationale veiligheidsteam diverse keren bijeen riep, hij was het die besloot dat er genoeg betrouwbare inlichtingen waren om het groene licht te geven voor de geheime operatie.
Obama wil daarmee benadrukken dat hij leiderschap en daadkracht heeft getoond. Twee kwaliteiten waarmee de president de afgelopen tijd niet bepaald werd geassocieerd. Zijn eigen anti-terreuradviseur John Brennan benadrukte het maandag in een gesprek met de pers nog maar even. ,,Dit was naar mijn mening de moedigste en meest gedurfde beslissing van een president in mijn herinnering.”
En de complimenten kwamen niet alleen uit de categorie ‘wij van WC-eend adviseren WC-eend’. Ook politieke tegenstanders stonden in de rij om een veer op Obama’s hoed te steken. Mogelijke presidentskandidaten als Mitt Romney, Tim Pawlenty en Donald Trump feliciteerden de president, net als oud-president George W. Bush, die er ondanks zijn eigen klopjacht niet in slaagde Bin Laden te pakken. En zelfs de conservatieve commentatoren en zelfverklaarde Obama-critici Glenn Beck en Rush Limbaugh waren voor de verandering eens positief: ,,Thank God for President Obama.”
De nieuwste waarderingscijfers van Pew Research lieten gisteren de verwachte piek zien: 56 procent is tevreden met het werk dat de president doet, 9 procentpunt meer dan in april. Maar het effect van goed nieuws op die peilingen is historisch gezien vaak van korte duur. Het is dus de vraag of het genoeg is om zijn herverkiezing in november 2012 veilig te stellen.
Amerikanen zijn geneigd om verdiensten in het buitenland snel te vergeten. George Bush senior kan daarover meepraten. In de Golfoorlog van 1991 zegevierde hij door de Irakese agressie tegen Koeweit te stoppen. Zijn waarderingscijfers schoten naar het record van 89 procent. Vriend en vijand waren het erover eens dat dit hem zijn herverkiezing zou opleveren; hij hoefde bij wijze van spreken niet eens campagne te voeren. Maar toen werd het 1992 en werd de VS geconfronteerd met een teruglopende economie. Zijn democratische uitdager Bill Clinton kwam toen met de oneliner die de campagne definieerde: ,,It’s the economy, stupid.”
In die valkuil zou Obama dit keer ook kunnen stappen, al is Bin Laden als Amerika’s staatsvijand nummer 1 van een andere orde dan de eerste Golfoorlog. Leuk, zo’n dode terrorist, maar wat koop ik er voor als ik al een jaar geen baan heb en mijn huis niet kan betalen?, zal ‘Joe the Plumber’ denken, hét Republikeinse archetype van de Amerikaanse middenklasse. En waarom doet die Obama niks aan de stijgende benzineprijzen? Die zijn gestegen naar bijna 4 dollar per gallon, omgerekend 74 eurocent per liter. Ongekend laag voor Nederlandse begrijpen, recordhoog voor de autorijdende Amerikanen.
Als het werkloosheidscijfer de komende maanden niet daalt en de economie niet aantrekt, dan kan Obama nog een zware dobber krijgen aan de campagne. Want uiteindelijk is het de binnenlandse politiek die bij presidentsverkiezingen de doorslag geeft.

GROUND ZERO IS NA DOOD BIN LADEN ‘WIN STREET’

Op de plek waar terroristen onder zijn leiding duizenden Amerikanen doodden, wordt de dood van Osama bin Laden uitbundig gevierd als overwinning op het terrorisme.

(Van onze correspondent Hanneke Keultjes)
NEW YORK (GPD) – Een hardloper – korte broek, T-shirt, oortjes in – stopt even bij een dranghek bij Ground Zero in New York. Hij rust zijn blote knieën op het asfalt, leunt met zijn armen over de gele railing en vouwt de handen. Minutenlang is de man alleen met zijn gebed.
Deze maandag is niet zoals iedere andere dag. De plek waar tot 11 september 2001 de Twin Towers van het World Trade Center stonden is zondagnacht veranderd in een bedevaartsoord, waar patriottistische Amerikanen samenkomen om te vieren dat hét gezicht van het terrorisme, Osama bin Laden, dood is.
Ray Maldonado klemt een geïmproviseerd kartonnen bord met ‘We Got Him’ (‘We hebben hem’) in zijn handen. ,,Die heb ik hier in 5 minuten gemaakt, met een meegenomen viltstift.” De 27-jarige uit Paterson, New Jersey, keek zondagavond (Amerikaanse tijd, red.) nietsvermoedend naar sportzender ESPN toen hij van een vriend hoorde dat president Obama ‘groot nieuws’ had. Na diens toespraak stapte Maldonado direct met een vriend in de auto om naar Ground Zero te rijden, met een T-shirt met het Vrijheidsbeeld erop aan en een Yankee Doodle-hoed op. Zijn vriend is al lang weer weg, maar Maldonado wil voorlopig blijven. ,,Ik had nooit verwacht dat ze Bin Laden zouden pakken of doden. Het was zo’n verrassing, hier moet ik nog van genieten.”
Bevin Van Orden (19) is naar eigen zeggen ‘uitzinnig’. Hij is naar Ground Zero gekomen om zijn ‘liefde voor Amerika’ te tonen. Om zijn schouders heeft hij de Amerikaanse vlag geslagen. Als de massaal toegestroomde tv-verslaggevers live de uitzending in gaan, wappert hij de ‘Stars and Stripes’ hoog in de lucht en roep hij ‘America, whoehoe!’. Eigenlijk moet de jongen uit New Jersey naar zijn werk, maar zijn vaderlandsliefde is sterker dan zijn plichtsbesef.
Bouwvakker Joe Cloonin is wel gewoon aan het werk. Al wist hij niet wat hij zag toen hij bij het World Trade Center de metro uitkwam. Tientallen satellietwagens van tv-stations, veel glunderende politieagenten – ,,ik mag officieel niks zeggen mevrouw, maar ik ben intens gelukkig” – en vooral veel, heel veel mensen. Zelf hoorde Cloonin het nieuws pas ’s morgensvroeg. ,,Na tien jaar eindelijk genoegdoening.”
De bouwvakker zorgt met zijn collega’s voor de verwarming en airconditioning in WTC Tower 1, de nieuwbouw-wolkenkrabber die ook wel bekend staat als Freedom Tower. Het roert de vijftiger iedere dag dat hij meewerkt aan de herbouw van het complex dat door terroristen vernietigd is. Vooral omdat de tienjarige herdenking van de aanslagen dichtbij is. ,,Bin Laden kan wel dood zijn, maar er staat gewoon weer een andere terrorist op.” Cloonin is blij dat Bin Laden een zeemansgraf heeft gekregen. ,,Zo wordt zijn graf niet als dat van een martelaar vereerd.”
Hoewel Ground Zero doorgaans een plek is waar in stilte de gruwelijkheden van 9/11 worden herdacht, was de sfeer gisteren ronduit uitgelaten, zeggen landmachtofficieren in opleiding Benjamin Meyers en Sean Bowden (beide 20). Voorbijgangers willen de militairen de hand schudden en roepen bedankt. Bowden: ,,Vandaag ben ik nóg een beetje trotser dat ik dit uniform mag dragen.” Meyers wijst naar de straatnaambordjes op de hoek van Church Street en Vesey Street, bij Ground Zero. Met lichtblauw tape zijn beide straten omgedoopt tot Win Street. ,,Dat zegt toch alles.”